II. Weerstandsvermogen en risicomanagement

Algemeen

Terug naar navigatie - II. Weerstandsvermogen en risicomanagement - Algemeen

We leven in een tijd waarin veel verandert. Dat brengt risico’s en onzekerheden met zich mee. Daarom is het belangrijk dat we die risico’s op tijd herkennen en goed monitoren. Zo houden we grip op onze organisatie en kunnen we snel reageren als dat nodig is. Een sterk weerstandsvermogen helpt ons daarbij. Het zorgt ervoor dat we ook onverwachte kosten kunnen opvangen.

In deze paragraaf leggen we uit hoe we omgaan met risico’s en ons weerstandsvermogen. Volgens de regels van het Besluit Begroting en Verantwoording gaan we in op:

  • Ons beleid over risico’s en weerstandscapaciteit;
  • Wat onze weerstandscapaciteit is;
  • Welke risico’s we zien;
  • De belangrijkste financiële cijfers;
  • Hoe deze cijfers zich tot elkaar verhouden en wat dat zegt over onze financiële situatie.

Beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico's

Terug naar navigatie - II. Weerstandsvermogen en risicomanagement - Beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico's

Een risico is een mogelijke gebeurtenis met een negatief gevolg voor de gemeentelijke doelstellingen. Door middel van een risicomanagementinformatiesysteem prioriteert, analyseert en beoordeelt de gemeentelijke organisatie risico's op systematische wijze. Aan de hand van een goed systeem van risicomanagement kunnen bestuurders en managers passende beheersmaatregelen nemen. Op basis van de risico-inventarisatie is een risicoprofiel voor 2027 opgesteld.

De uitgangspunten van ons risicobeleid en de wijze waarop we dit beleid uitvoeren zijn beschreven in de ‘Nota risicomanagement Gemeente Overbetuwe 2023’ dat in december 2022 is vastgesteld door de raad. Een van de uitgangspunten is dat twee keer per jaar, bij de jaarstukken en de begroting, een integraal beeld geschetst wordt van de risico’s, de aanwezige weerstandscapaciteit en de ratio voor het weerstandsvermogen.

Cyclische aanpak
De gemeente Overbetuwe heeft gekozen voor een cyclische aanpak in plaats van ad hoc bij de begroting en jaarrekening, zodat risicomanagement in het DNA gaat zitten van alle medewerkers. Structureel aandacht voor risicomanagement gaat zorgen voor een hoger bewustzijn, waardoor nieuwe risico’s eerder in beeld komen en beheerst worden.

Fase 1: Kaderstelling en strategie
De kaders zijn vastgelegd in de Nota Risicomanagement 2023 Gemeente Overbetuwe.

Fase 2: Risicoanalyse
Het inventariseren van de potentiële risico’s en deze vastleggen in een risicokaart. Per risico wordt inzicht gegeven in de kans en frequentie dat een risico zich voordoet en het inschatten van het financiële gevolg (verdeeld in 5 klassen). Uiteindelijk bepaalt dit de risicoscore.

Fase 3: Beheersmaatregelen
Bij het benoemen van de risico’s worden ook de oorzaken en gevolgen van deze risico’s in beeld gebracht. Dit maakt het mogelijk om daarop eventuele beheersmaatregelen af te stemmen die het oorspronkelijke risico verkleinen of geheel wegenemen. Aan de risico’s wordt een risico-eigenaar gekoppeld die voor de invulling en uitvoering van de beheersmaatregelen zorgdraagt.

Fase 4 Monitoren en toetsen
In deze fase wordt informatie verstrekt, worden ontwikkelingen in beeld gebracht en resultaten beoordeeld.

Fase 5: Toezicht en toetsen
Risico’s worden (mede in het kader van interne controle) in verband gebracht met de beheersmaatregelen en het beschikbare weerstandsvermogen.

Fase 6: Continue verbetering
Op basis van (tussentijdse) resultaten kan beleid en methodiek worden bijgesteld.

 

De fases worden hieronder schematisch weergegeven:

Rolverdeling

Terug naar navigatie - II. Weerstandsvermogen en risicomanagement - Rolverdeling

De volgende actoren hebben een rol bij risicomanagement:

  • De raad stelt de paragraaf “Weerstandsvermogen en risicobeheersing” in de begroting en jaarrekening vast;
  • Het college ziet toe op een juiste uitvoering van risicomanagement en de verantwoording daarover;
  • Het management en de ambtelijke organisatie zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van het risicomanagement waarbij het identificeren van de risico’s en het uitvoeren van beheersmaatregelen de kern vormen.

Weerstandsvermogen

Terug naar navigatie - II. Weerstandsvermogen en risicomanagement - Weerstandsvermogen

Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, moet de relatie worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico's en de daarbij horende benodigde weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen beide componenten wordt in onderstaande figuur weergegeven.

Ratio weerstandsvermogen =    Beschikbare weerstandscapaciteit (buffer)
  Benodigde weerstandscapaciteit (risico’s)


In onderstaande tabel wordt de waardering van de ratio weergegeven.

 

Waarderingscijfer

Ratio

Kwalificatie

A

> 2

Uitstekend

B

1,4 < 2,0

Ruim voldoende

C

1,0 < 1,4

Voldoende

D

0,8 < 1,0

Matig

E

0,6 < 0,8

Onvoldoende

F

< 0,6

Ruim onvoldoende

 

De gemeente Overbetuwe streeft naar een weerstandsratio tussen de 1,4 en 2. Met deze gewenste ratio (B) krijgt het weerstandsvermogen de kwalificatie “ruim voldoende”. Deze kwalificatie sluit aan bij ons streven naar duurzaamheid en bestendigheid en is passend bij goed rentmeesterschap. Tevens streven we naar een minimum van € 10 miljoen aan algemene reserve.

Op basis van de Programmabegroting 2027 is de ratio van ons incidentele weerstandsvermogen 2,45 (afgerond: 2,5) en daarmee “Uitstekend”. Ten opzichte van de Jaarrekening 2025 is de ratio aanzienlijk gestegen. Dat komt door een drietal factoren, te weten de toevoeging via de bestemming van het resultaat 2025 (€ 3,4 miljoen), het verwachte overschot 2026 na opstellen van de 2e Bestuursrapportage 2026 (€ 3,4 miljoen) en de verwachte vrijval van een aantal bestemmingsreserves (€ 4,6 miljoen).

(Bedragen x € 1.000)

Begroting 2027

Begroting 2026

Rekening 2025

Begroting 2025

Risico's

9.625

9.645

9.625

8.985

Eenmalige weerstandscapaciteit

23.649

17.217

13.766

16.819

Ratio

2,5

1,8

1,4

1,9

Kwalificatie

Uitstekend

Ruim voldoende

Ruim voldoende

Ruim voldoende

 

Beschikbare weerstandscapaciteit

Terug naar navigatie - II. Weerstandsvermogen en risicomanagement - Beschikbare weerstandscapaciteit

In theorie beschikt een gemeente over incidentele en structurele weerstandscapaciteit. De incidentele weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve, de bestemmingsreserves, de begrotingspost onvoorzien en aanwezige stille reserves. De structurele weerstandscapaciteit wordt bepaald door de omvang van toekomstige bezuinigingsmogelijkheden en het onbenutte deel van de belastingcapaciteit.

In onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van de werkelijk beschikbare weerstandscapaciteit per 1 januari 2027.

Soort

Bedrag

Incidentele weerstandscapaciteit

 

Algemene reserve                             

€ 23.609.000

Stille reserves

€ p.m.

Onttrekking algemene reserve begroting 2027

€ 0

Post onvoorzien

€ 40.000

Totale incidentele weerstandscapaciteit

€ 23.649.000

Structurele weerstandscapaciteit

 

Onbenutte belastingcapaciteit          

€ 6.663.579


De algemene reserve is vrij aanwendbaar en kan worden ingezet voor onvoorziene lasten c.q. ter dekking van risico’s. Per 1 januari 2027 is het verwachte saldo van de Algemene Reserve 
€ 23.609.000.

Stille reserves zijn niet-bedrijfsgebonden eigendommen van de gemeente met een hogere waarde in het economisch verkeer dan de boekwaarde. Stille reserves dragen bij aan de weerstandscapaciteit, omdat een deel van de eigendommen kan worden verkocht boven de boekwaarde. Hierdoor wordt winst gerealiseerd. Deze winst kan worden ingezet ter dekking van financiële risico’s.

Als de begroting sluit met een positief saldo is sprake van begrotingsruimte. Deze kan worden ingezet voor financiële tegenvallers, zonder ingrijpende beleidswijzigingen. In 2027 sluit de begroting met een structureel overschot van € 435.000.

De post onvoorzien is ter dekking van niet voorziene uitgaven.

Onbenutte belastingcapaciteit. De gemeente kan haar belastingen, te weten: OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing, voor zover deze laatste twee niet maximaal mogelijk en/of kostendekkend zijn verhogen om financiële tegenvallers op te vangen. Omdat de afvalstoffenheffing en rioolheffing maximaal kostendekkend zijn, wordt bij de berekening van de onbenutte belastingcapaciteit alleen naar de OZB gekeken.

De onbenutte belastingcapaciteit bij de OZB is het verschil tussen het gehanteerde tarief en het maximale tarief van de WOZ-waarde, zijnde 0,1595% voor 2027.

Wanneer het gemiddelde OZB-tarief voor de gemeente lager is dan het percentage voor toelating artikel 12, is er in principe sprake van onbenutte belastingcapaciteit, immers een verhoging van het OZB percentage zal nodig zijn om voor een aanvullende uitkering in aanmerking te komen.

Percentage van de WOZ-waarde voor toelating art.12

0,1595%

Werkelijk gewogen percentage WOZ-waarde gemeente Overbetuwe

0,1080%

Onbenutte belastingcapaciteit t.o.v. norm

47,7%

Onbenutte belastingcapaciteit

€ 6.663.579


Bij de berekeningen is uitgegaan van de huidige totale WOZ-waarde (peildatum 1-1-2026) van € 12.931.786.000. Het bedrag van € 6.663.579 geeft aan hoeveel de OZB-inkomsten nog maximaal verhoogd kunnen worden binnen de norm.

Met betrekking tot de onbenutte belastingcapaciteit geldt dat we terughoudend zijn in het doorvoeren van belastingverhogingen. Onze insteek blijft het aanbieden van een goed voorzieningenniveau tegen geringe lasten.

Benodigde weerstandscapaciteit

Terug naar navigatie - II. Weerstandsvermogen en risicomanagement - Benodigde weerstandscapaciteit

Het is verplicht om de risico's te vermelden die de financiële positie van de gemeente kunnen beïnvloeden. In het kader van de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit hebben we de risico’s per 1 juli 2026 geactualiseerd. In onderstaande tabel is de benodigde weerstandscapaciteit van circa € 9,6 miljoen als volgt berekend:

Nr. Risico Omschrijving Soort risico Geschatte financiële omvang (bedragen x € 1.000)
1 Open eind regeling Sociaal Domein Het risico bestaat dat er meer wordt uitgegeven, aangezien dit openeinderegelingen zijn. De levering van zorg staat hierbij voorop. Er is sprake van een openeindregeling, waardoor het mogelijk is dat de middelen ontoereikend zullen zijn. De gemeente kan echter geen cliëntenstop afkondigen. Financieel risico 2.300
2 Gemeenschappelijke regeling Als deelnemer aan een verbonden partij zijn we (indirect) verantwoordelijk voor de financiële risico’s van deze partij. Financieel risico 250
3 Grondexploitatie bedrijventerreinen Onzekerheid over opbrengsten en kosten als gevolg van aanpassing plan t.b.v. betere verkoopmogelijkheden voor bedrijventerreinen De Merm Oost, Spoorallee en Elst Centraal Oost. Financieel risico 380
4 Grondexploitatie woningbouwprojecten Stationsplein West: Bestemmingsplan moet nog vastgesteld worden m.a.w. planologisch risico. Financieel risico 970
5 Faciliterende grondexploitaties (circa 25 projecten) Bij enkele faciliterende grondcomplexen kunnen niet alle plankosten verhaald worden op de ontwikkelaar. Financieel risico 75
6 Calamiteiten In het geval van incidenten op “rampschaal” kan de gemeente worden geconfronteerd met flinke financiële aanspraken zoals herstelwerkzaamheden, opvang, begeleiding en compensatie van schade. Maatschappelijk risico 250
7 Juridische procedures Met juridische procedures en daaruit voortvloeiende claims kunnen hoge kosten gemoeid zijn. Financieel risico 150
8 Informatievoorziening en informatieveiligheid Verschillende cyber gerelateerde incidenten kunnen leiden tot verlies en of onbeschikbaarheid van informatie en/of systemen. Juridisch/aansprakelijkheidsrisico + financieel en bedrijfsvoeringsrisico 450
9 Overige risico's Dit betreft een inschatting van het totaal van kleine risicobedragen en de beschikbaarheid van fysieke werklocaties. Bedrijfsvoeringsrisico 500
10 Privacy Het in verkeerde handen vallen van (privacy) gevoelige informatie/ persoonsgegevens. Juridisch/aansprakelijkheidsrisico 300
11 Aantrekken en binden van personeel Het lastig kunnen vervullen van vacatures en vervanging bijvoorbeeld i.v.m. ziekte. Bedrijfsvoeringrisico 300
12 Tekort aan materieel en capaciteit De stijgende inflatie en het tekort aan grondstoffen, personeel en oplopende rente etc. op projecten en materiele kosten. Bedrijfsvoeringsrisico 2.400
13 Hogere indexatie zorgkosten dan Prijs Bruto Binnenlands Product % De OVA indexatie (NVZ) ligt hoger dan de gemeentelijke indexatie op basis van de Prijs Bruto Binnenlands Product. Hierdoor is de kans groot dat de kosten binnen het sociaal domein hoger worden dan begroot. Financieel risico 500
14 Bezuinigingen 2026 mogelijk niet volledig te realiseren. Om de begroting 2026 sluitend te maken, is een incidentele onttrekking aan de algemene reserves ingeboekt en zijn bezuinigingsmaatregelen doorgevoerd, waarbij het risico bestaat dat deze later worden gerealiseerd dan vooraf ingeschat. Financieel risico 800
Totaal 9.625

Kengetallen

Terug naar navigatie - II. Weerstandsvermogen en risicomanagement - Kengetallen

Voor een beter inzicht in de financiële positie van de gemeenten is er een zestal wettelijke indicatoren ontwikkeld. De set kengetallen is bedoeld om de raad meer inzicht te geven in de financiële positie en om vergelijkingen tussen gemeenten mogelijk te maken.

Vanuit hun taak als financieel toezichthouder hebben de 12 provincies een gemeenschappelijk financieel toezichtkader (GTK) opgesteld dat vanaf begrotingsjaar 2020 geldt. In het GTK zijn de volgende signaleringswaarden opgenomen.










Conclusie:
De ratio van het weerstandsvermogen van de gemeente Overbetuwe is voor 2027 2,5 (inclusief toevoeging via bestemming resultaat 2025, verwacht resultaat 2026 en verwachte vrijval van enkele bestemmingsreserves) en daarmee uitstekend. 

Uitgaande van de signaleringswaarden, zoals deze door de toezichthouder worden gehanteerd, vallen de ratio’s voor de netto schuldquote en solvabiliteit in de categorie ''neutraal''. De grondexploitatie, structurele exploitatieruimte en gemeentelijke belastingcapaciteit vallen in de categorie “minst risicovol”.