Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, moet de relatie worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico's en de daarbij horende benodigde weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen beide componenten wordt in onderstaande figuur weergegeven.
Ratio weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit (buffer)
Benodigde weerstandscapaciteit (risico’s)
In onderstaande tabel wordt de waardering van de ratio weergegeven.
Waarderingscijfer |
Ratio |
Kwalificatie |
A |
> 2 |
Uitstekend |
B |
1,4 < 2,0 |
Ruim voldoende |
C |
1,0 < 1,4 |
Voldoende |
D |
0,8 < 1,0 |
Matig |
E |
0,6 < 0,8 |
Onvoldoende |
F |
< 0,6 |
Ruim onvoldoende |
De gemeente Overbetuwe streeft naar een weerstandsratio tussen de 1,4 en 2. Met deze gewenste ratio (B) krijgt het weerstandsvermogen de kwalificatie “ruim voldoende”. Deze kwalificatie sluit aan bij ons streven naar duurzaamheid en bestendigheid en is passend bij goed rentmeesterschap. Tevens streven we naar een minimum van € 10 miljoen aan algemene reserve.
Op basis van de programmabegroting 2025 is de ratio van ons incidentele weerstandsvermogen 1,9 en daarmee “Ruim voldoende”. Ten opzichte van de jaarrekening 2023 is de ratio gedaald, maar nog steeds ruim voldoende. Indien de onttrekking van € 2,6 miljoen aan de algemene reserve voor de sluitende begroting 2025 verwerkt wordt in het weerstandsratio, dan komt deze uit op 1,6.
(Bedragen x € 1.000) |
Begroting 2025 |
Begroting 2024 |
Rekening 2023 |
Begroting 2023 |
Risico's |
8.985 |
8.690 |
8.535 |
4.586 |
Eenmalige weerstandscapaciteit |
16.819 |
16.934 |
18.853 |
18.636 |
Ratio |
1,9 |
1,9 |
2,2 |
4,1 |
Kwalificatie |
Ruim voldoende |
Ruim voldoende |
Uitstekend |
Uitstekend |
Beschikbare weerstandscapaciteit
In theorie beschikt een gemeente over incidentele en structurele weerstandscapaciteit. De incidentele weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve, de bestemmingsreserves, de begrotingspost onvoorzien en aanwezige stille reserves. De structurele weerstandscapaciteit wordt bepaald door de omvang van toekomstige bezuinigingsmogelijkheden en het onbenutte deel van de belastingcapaciteit.
In onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van de geprognotiseerde beschikbare weerstandscapaciteit per 31 december 2024.
Soort |
Bedrag |
Incidentele weerstandscapaciteit |
|
Algemene reserve |
€ 16.819.000 |
Stille reserves |
€ p.m. |
Begrotingsruimte |
€ 0 |
Post onvoorzien |
€ 5.000 |
Totale incidentele weerstandscapaciteit |
€ 16.824.000 |
Structurele weerstandscapaciteit |
|
Onbenutte belastingcapaciteit |
€ 2.711.657 |
De algemene reserve is vrij aanwendbaar en kan worden ingezet voor onvoorziene lasten c.q. ter dekking van risico’s. Per 31 december 2024 is het saldo van de Algemene Reserve € 16.819.000.
Stille reserves zijn niet-bedrijfsgebonden eigendommen van de gemeente met een hogere waarde in het economisch verkeer dan de boekwaarde. Stille reserves dragen bij aan de weerstandscapaciteit, omdat een deel van de eigendommen kan worden verkocht boven de boekwaarde. Hierdoor wordt winst gerealiseerd. Deze winst kan worden ingezet ter dekking van financiële risico’s.
Als de begroting sluit met een positief saldo is sprake van begrotingsruimte. Deze kan worden ingezet voor financiële tegenvallers, zonder ingrijpende beleidswijzigingen. Op dit moment is de begrotingsruimte voor 2025 nihil, aangezien € 2,6 miljoen onttrokken wordt uit de algemene reserve voor een sluitende begroting 2025.
De post onvoorzien is ter dekking van niet voorziene uitgaven.
Onbenutte belastingcapaciteit. De gemeente kan haar belastingen, te weten: OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing, voor zover deze laatste twee niet maximaal mogelijk en/of kostendekkend zijn verhogen om financiële tegenvallers op te vangen.
De onbenutte belastingcapaciteit bij de OZB is zo groot als het verschil tussen het gehanteerde tarief en het maximale tarief van de WOZ-waarde 0,1595%.
Wanneer het gemiddelde OZB-tarief voor de gemeente lager is dan het percentage voor toelating artikel 12, is er in principe sprake van onbenutte belastingcapaciteit, immers een verhoging van het OZB percentage zal nodig zijn om voor een aanvullende uitkering in aanmerking te komen.
Percentage van de WOZ-waarde voor toelating art.12 0,12037%
Werkelijk gewogen percentage WOZ-waarde gemeente Overbetuwe 0,10031%
Onbenutte belastingcapaciteit t.o.v. norm 24,5%
Onbenutte belastingcapaciteit € 2.711.657
Bij de berekeningen is uitgegaan van de huidige totale WOZ-waarde van € 11.020.077.000. Het bedrag van € 2.711.657 geeft aan hoeveel de OZB-inkomsten nog maximaal verhoogd kunnen worden binnen de norm.
Omdat de afvalstoffenheffing en rioolheffing maximaal kostendekkend zijn, wordt bij de berekening van de onbenutte belastingcapaciteit alleen naar de OZB gekeken.
Met betrekking tot de onbenutte belastingcapaciteit geldt dat we terughoudend zijn in het doorvoeren van belastingverhogingen. Pas als alle maatregelen geen of onvoldoende oplossingen bieden dient de mogelijkheid van verhoging belastingtarieven zich aan. Onze insteek blijft het aanbieden van een goed voorzieningenniveau tegen geringe lasten.
Benodigde weerstandscapaciteit
Het is verplicht om de risico's te vermelden die de financiële positie van de gemeente kunnen beïnvloeden. In het kader van de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit hebben we de risico’s per 1 juli 2024 geactualiseerd.
Voor de begroting van 2025 zijn er ombuigingen ingevoerd die nog gerealiseerd moeten worden. Er bestaat echter een kans dat deze ombuigingen pas later zichtbaar worden in de realisatie, omdat de implementatie meer tijd in beslag kan nemen dan oorspronkelijk werd verwacht. Voor deze vertraging is geen specifiek budget gereserveerd binnen de opgenomen risico’s. Eventuele tekorten die hierdoor ontstaan, moeten gedekt worden uit risico 10.
Als de overheid besluit om de voorgenomen bezuiniging op de algemene uitkering door te voeren, zal dit invloed hebben op de begroting van 2026. In dat geval zullen aanvullende maatregelen nodig zijn om de begroting 2026 sluitend te maken. In dat geval zullen aanvullende maatregelen nodig zijn om de begroting 2026 sluitend te maken. Op dat moment wordt beoordeeld of er een nieuw risico moet worden aangemaakt.
In onderstaande tabel is de benodigde weerstandscapaciteit ad € 9 miljoen berekend.